Please read the following information carefully.

Please enter your real name in the Voornaam en Achternaam boxes before you start. This name will be automatically added to your digital certificate! You can not change it later. Please take note, you can take this test only one time!

Warning! Do not close your browser before you finish your test!

Testing & Certification

If you like to receive our certificate, you will need to take our online end test. You can take this test only one time. Your certificate will be automatically generated by our system directly after you complete the test. Your certificate will be provided to you by email. We provide only digital certificates. Please take note, you will receive your certificate only one time.

The end test should be taken at the end of your course according to our course planning. If you do not follow our planning and take the test too early, you will not have another chance to retake the test and will not receive any other certificate. If you like to take the test again, you have to book our private lessons or take the same course again. Please read our Terms and Conditions.

1. Kies de juiste conjunctie.
Ik kan niet werken ..... ik ben ziek.
2. Kies de juiste conjunctie.
Ik kan niet werken ..... ik ziek ben.
3. Kies de juiste conjunctie.
Ik kan al 2 uur niet slapen ..... ik ben verliefd.
4. Kies de juiste conjunctie.
Ik kan al 2 uur niet slapen ..... ik verliefd ben.
5. Welke zin is correct?
6. Welke zin is correct?
7. Welke zin is correct?
8. Welke zin is correct?
9. Welke zin is correct?
10. Welke zin is correct?
11. Welke zin is correct?
12. Kies de juiste conjuncties.
..... ik verliefd ben, kan ik niet werken.
13. Kies de juiste conjuncties.
..... ik een nieuwe baan heb, heb ik weinig tijd.
14. Kies de juiste conjuncties.
..... ik een groot salaris krijg, koop ik een nieuwe auto.
15. Kies de juiste conjuncties.
......wij op het werk vrij krijgen, gaan wij op vakantie.
16. Zet deze zin in de indirecte rede.
Philippe: ‘Dit is een goed boek.’
17. Zet deze zin in de indirecte rede.
Ik: ‘Ik kan in het weekeind niet werken.’
18. Zet deze zin in de indirecte rede.
Peter: ‘Hoe vaak gebruik je Google?’
19. Zet deze zin in de indirecte rede.
Anna: ‘Komt Anton te laat?’
20. Zet deze zin in de indirecte rede.
Ik: ‘Mag ik iets vertellen?
21. Welke bijzin is correct?
Als ik rijk zou zijn, .............
22. Welke bijzin is correct?
Als ik veel geld zou hebben, ..........
23. Welke bijzin is correct?
Als mijn ouders rijk waren, .............
24. Welke bijzin is correct?
Als ik rijke ouders zou hebben, .............
25. Wat betekent deze zin?
Jij zou de afwas vandaag doen.
26. Wat betekenen deze zinnen?
A. Als ik jou was, zou ik geen nieuwe auto kopen.
B. Als ik veel geld zou hebben, zou ik een nieuwe auto kopen.
C. Jij zou de afwas vandaag doen.
 
27. Welke zin is correct?
28. Welke zin is correct?
29. Welke zin is correct?
30. Welke zin is correct?
31. Welke zin is correct?
32. Welke zin is correct?
33. Welke zin is correct?
34. Welke zin is correct?